dinsdag 28 april 2009
Mogelijke vragen voor Ben Verwaayen
Bedrijfsleven en politiek, wat zijn de verschillen
Zakendoen in het buitenland
Veranderen van cultuur in bedrijf
Risico’s stimuleren bv onderwijs de marktwerking in scholen/concurrentie/ hoe komt u daaraan, vb uit buitenland, welke deskundigen hebt u geraadpleegd of bent u zelf creatief met ideeën?
Hoeverre staat er in het program van de VVD uw mening, hoe gaat u er mee om als er niet uw mening staat?
Waarom dacht u de klus aan te kunnen? Vanuit het buitenland, vanuit een toppositie?
In hoeverre hebt u contact gehad met Rutten en Verdonk?
Hoe gaat u om met tegenslagen?
MVO bij BT in de haarvaten stelt het jaarverslag. Welke situatie hebt u voor de mileiuvriendelijkere en minder economische oplossing gekozen?
Topsalarissen – verdient u die, vindt u dat?
Is er iemand die u opleidt om u op te volgen?
Wees jezelf! Ontwikkel jezelf door – hoe zit dat?
Moet je je harder voordoen dan je bent?
Bent u voor selectie aan de poort bij universiteiten?
Is het het waard? Wat hebt u ervoor moeten laten?
Bedrijf als psychopaat (the corporation)
Set the tone, set the agenda and choose the right people – hoe zit dat?
Is er iemand die voor minder geld een beter baas zou zijn bij BT?
Voedt u uw kinderen op met ambitie
Belang van het gezin waar je uit komt?
Geld inzetten voor een goed doel/vrijwilligerswerk – belangrijk?
Was leiderschap bij u maakbaar of hebt u het geleerd (via opzetten van het leerlingenparlement).
Hoeveel vrouwen hebt u om zich heen?
Gelooft u in national identiteit (ABN-Amro discussie)
Voelt u zich Nederlander of kosmopoliet?
'Het delen van kennis via het web is de motor van economische groei'
Ben Verwaayen
SECTION: FD EXTRA ICT; Blz. 8
LENGTH: 1762 woorden
'Het delen van kennis via het web is de motor van economische groei'
Rob de Lange
Internet zal de wereld veel meer veranderen dan we nu al denken.
'Informatie is de bron van verandering en miljoe-nen hebben de geur van
welvaart ontdekt. Delen is niet meer een ethische kwestie, maar een
economische.' Een gesprek met Ben Verwaayen, topman vanAlcatel-Lucent.
Ben Verwaayen, een van 's Neerlands bekendste exportproducten, verruilde
een halfjaar geleden Londen voor Parijs om de noodlijdende Telecomreus
Alcatel-Lucent - actief in 130 landen met ruim 80.000 werknemers - uit
het slop te trekken. Net zoals hij dat de afgelopen jaren in Londen bij
het Britse BT heeft gedaan. Het leverde hem in de City bijnamen op als
'Big Ben' en 'the great communicator'. Volgens eigen zeggen ligt hij op
schema. In 2010 moet er weer winst worden gemaakt en in 2011 moet
Alcatel-Lucent 'weer een normaal bedrijf zijn'. Van cultuurverschillen
tussen Amerikanen en Fransen heeft hij geen last. 'Ze hebben meer met
elkaar gemeen dan ze zelf leuk vinden om te horen.' En de kritiek dat
hij te weinig oog heeft voor het terugdringen van de kosten werpt hij
verre van zich. 'Ik heb hard ingegre-pen, maar op een andere manier dan
de hakbijl hanteren. Ik ben meer voor slim dan voor hard. Een bedrijf
wordt ge-dragen door zijn mensen. Zij vormen de ziel van een
organisatie. Het zijn niet alleen de cijfers die bepalen of je
suc-cesvol bent.'
Verwaayen staat bekend om zijn geloof in vernieuwing en het toepassen
van nieuwe technologieÎn om die vernieuwing aan te jagen. Zijn mailadres
is bij duizenden bekend en iedereen krijgt binnen 24 uur antwoord. Hoe
doet hij dat?
Verwaayen: 'Ik heb twee BlackBerry's. De ene is voor mij belangrijk om
de zakelijke berichten snel af te handelen en voor mijn privÈmail, de
andere is uitsluitend om met het personeel te communiceren. Er is een
aparte website, Ask-Ben, en daarop kunnen ze over alle onderwerpen
rechtstreeks met mij in debat gaan, vragen stellen of hun ongenoegen
uiten. Ik geef iedere dag antwoord, tot nu toe al zo'n tienduizend keer.
Een BlackBerry vind ik een onding om mee te bellen, dus daar heb ik mijn
mobiel voor. Ik ben toch ook een gewoontedier en heb geen enkele
behoefte om bijvoor-beeld een iPhone aan te schaffen. Met mijn
BlackBerry kan ik alles wat ik wil doen.'
Nog geen aandrang om te twitteren?
'Nee, ik ben eigenlijk al weer ouderwets: geen getwitter en ik zit niet
op Facebook, maar ik vind het een geweldige ontwikkeling: wiki's,
twitters, het gaat allemaal over iets met elkaar delen. Bekijk je het in
een groter verband dan kun je zeggen dat we toegroeien naar een wereld
waarin delen van kennis de essentie van de groei van de economie zal
be-tekenen. Op welke wijze je deelt maakt me niet uit, via het toevoegen
van kennis, het geven van opinies of het opdoen van ervaringen. De crux
is dat je in een vroegtijdig stadium elkaar op de hoogte stelt van je
bezigheden, waardoor je sneller tot resultaten komt. Vroeger was het zo:
tadaa!, doek eraf en daar stond het nieuwe model. En als je dan zei: ik
had wel om een nieuw model gevraagd, maar niet zoiets lelijks, dan moest
er een nieuw worden ontworpen. Zo gaat dat niet meer. Je bent
tegenwoordig veel meer interactief, luistert naar je klanten, al aan de
tekentafel haal je de klanten erbij. Ervoor zorgen dat iedereen over je
schouder meekijkt, zodat je snel kunt bijsturen.'
Leidt die manier van werken ook tot betere producten?
'Het leidt ertoe dat de hoeveelheid producten die mensen niet willen
hebben aanzienlijk wordt teruggebracht, maar of ze beter zijn, moet nog
blijken. We zijn er pas veel te kort mee bezig.'
Welke rol speelt internet daarbij?
'Een essentiÎle. Door internet hebben miljoenen mensen in de wereld de
geur van welvaart ervaren en ze laten het zich niet meer afpakken.'
'Informatie is uiteindelijk de bron van verandering. Een boer in Afrika
die je een mobiele telefoon geeft, krijgt een heel andere
onderhandelingspositie. Die ontwikkeling is niet terug te draaien.
Diegenen die zeggen dat globalisering zal worden afgeremd onder druk van
de crisis bedoelen waarschijnlijk: wij willen blijven consumeren en
armere landen moeten vooral blijven produceren. Geen sprake van! Het
delen is niet meer een ethische kwestie, maar een econo-mische. Jonge,
ambitieuze mensen overal ter wereld zullen hun kennis gaan delen om op
die manier hun hersenen te gelde maken. Talent heeft geen paspoort. Het
betekent ongetwijfeld dat opkomende landen meer welvaart zullen krijgen
en die van ons wordt afgevlakt. Er is geen alternatief. Internet is niet
meer weg te denken. Op het World Economic Fo-rum in Davos werd een
onderzoek gepresenteerd: het eerste wat de mensen bereid zijn op te
geven is hun nieuwe bank-stel, het laatste is toegang tot internet. Vijf
jaar geleden stond internet niet eens op de lijst.'
Hoe zal het technisch in zijn werk gaan?
'Het netwerk maakt plaats voor het web. Het netwerk is ontwikkeld om
hallo tegen je moeder te zeggen, een fax te versturen, als iemand nog
weet wat dat is, of een e-mail te versturen. De huidige generatie
gebruikt e-mail nog om met hun ouders of grootouders te communiceren,
maar daarnaast heb je de webtools gekregen. Dat is een totaal andere
er-varing, een andere manier van communiceren. Het is veel meer beeld
dan woord. Kijk naar de explosie op YouTube, dat is de expressie van
mensen in beeld, niet in woord. Het betekent tegelijkertijd dat de
consument het tempo van de vernieuwingen gaat bepalen, niet de
professionele markt. Heel anders dan in het begin. Iedereen kan zich nog
herin-neren hoe je naar kantoor ging en je ogen uitkeek wat er allemaal
stond, terwijl je thuis een zwarte telefoon in de gang had hangen.
Tegenwoordig is het andersom. Die ontwikkeling heeft grote gevolgen voor
de verdienmodellen van onze sector. Het volume zit in de
consumentenmarkt. We groeien toe naar een situatie waar de klantervaring
centraal staat. Of je nu thuis bent, op reis of op je werk, je wilt
altijd dezelfde mogelijkheden tot je beschikking hebben. Het betekent
dat de vierde generatie mobiel, LTE, de opvolger van UMTS, dezelfde
capaciteit aan je mobieltje moet geven als glas-vezel aan je pc. Dit
doel is de belangrijkste motor achter de investeringen in onze sector.'
Terwijl die investeringen nu juist onder druk staan.
'Niet als het gaat om nieuwe diensten en toepassingen. Wij hebben net de
eerste grote order in de wereld afgesloten voor LTE met een bedrijf in
de VS. We gaan datavermogen aan de klanten thuis geven met hetzelfde
vermogen dat ze thuis op hun pc hebben. Die investeringen zullen
wereldwijd doorrollen, want het gevecht om de klant is ook in tijden van
crisis natuurlijk essentieel, zelfs belangrijker. Deze crisis is ook
leuk. Het dwingt je om het kompas anders te rich-ten en nieuwe dingen te
bedenken. Als je bakker bent, is kostenbesparing niet zo'n gekke
gedachte, maar in onze branche zul je met iets nieuws moeten komen. Het
is illusoir te denken dat we na de crisis de zaak weer kunnen oppak-ken.'
Welke strategie raadt u telecombedrijven aan?
Telecombedrijven hebben vaak de boot gemist. De mobiele telefoon is
ontwikkeld om te bellen, niet om te sms'en en dat is nu juist wat we
steeds meer gaan doen. De baas van China Mobile vertelde me vorige maand
dat er tijdens het Chinese nieuwjaar in een paar uur tijd 9,6 miljard
sms'jes zijn verstuurd. En dan moet je bedenken dat ze geen Chinees
toetsenbord hebben. Dus ze hebben ook nog eens een taal ontwikkeld die
anders is dan de officiÎle schrijftaal. Zowel in innovatieve als
culturele zin is dit een adembenemend gegeven.'
'Te lang hebben we in de telecombranche gedacht: mensen gaan data
gebruiken, maar ach, daar doen we niet moeilijk over, we geven het
gewoon gratis weg. De klant betaalt een maandelijks bedrag voor spraak,
niet voor data, maar vandaag de dag zijn er meer e-mailberichten dan
telefoonberichten. Meer data dan spraak. De telecombedrijven krijgen een
waanzinnige hoeveelheid verkeer extra op hun netwerk gekieperd waar geen
businessmodel voor is. Ze moeten capaciteit bijbouwen zonder dat de
klant extra hoeft te betalen. In het huidige model zijn ze niet meer dan
een doorgeefluik waar geen extra inkomsten tegenover staan en dat is een
groot probleem.'
'In mijn ogen zal Skype de norm worden, in technische zin dan. Skype
maakt slim gebruik van internet, waarbij nullen en eentjes rondrennen op
een glasvezelnetwerk en pas aan de rand van het netwerk bepalen die
nulletjes en eent-jes of ze spraak, data of video zijn.'
Leidt het niet tot mindere kwaliteit: trage verbindingen en filmpjes die
steeds haperen?
'Volstrekte onzin, dit lijkt op: vroeger was alles beter. Digitale
kwaliteit is aantoonbaar beter dan analoge kwaliteit en bovendien
makkelijker te herstellen.'
Hoe kwetsbaar worden we voor cybercrime?
'Hier zie ik een zeer zorgelijke ontwikkeling. Er is geen overheid en
geen wetgever op het web. Ontegenzeggelijk zal er over enige tijd een
heel grote frictie komen tussen wat de wetgever in verschillende landen
daarover heeft op-geschreven en de virtuele werkelijkheid. Twee keer
klikken en je bevindt je in een wereld waar god noch gebod heerst en
voor je het weet is je identiteit gejat zonder dat je ergens je recht
kunt halen. Zo zijn er talloze reÎle bedreigingen. Het web is het meest
gebruikte deel van de moderne communicatie, maar totaal ongecontroleerd,
er is geen kwaliteitseis en het is vrij voor iedereen die kwaad wil.
Hier liggen grote uitdagingen voor de telecombranche. Onvermijdelijk
zullen we moeten komen tot een beter waarborgsysteem op het web.
Privacy, veiligheid en kwaliteit zijn vertrouwensdiensten die door de
netwerkprovider moeten worden gegarandeerd. We zullen op maat gesneden
diensten ontwikkelen, waar je uit-eraard een paar centjes extra voor
moet betalen, maar die voorkomen dat je gegevens worden gejat.'
Curriculum vitae
Curriculum vitae
Ben Verwaayen (57) is geboren in
Driebergen.Na een studie rechten aan de Universiteit Utrecht werkt hij
voor het toenmalige telefoonbedrijf PTT en vertrekt daarna naar het
Amerikaanse Lucent. In 2002 wordt hij gevraagd het zieltogende British
Telecom te leiden.
In 2006 schreef hij het verkiezings-
programma voor de VVD.
Voor zijn verdiensten kreeg Verwaayen diverse onderscheidingen. In 2006
is hij benoemd tot Officier in de Orde van Oranje-Nassau. Uit handen van de
Franse regering ontving hij in 2006 de 'Chevalier de la LÈgion
d'Honneur' voor zijn bijdrage aan de internationale communicatiesector
en koningin Elisabeth benoemde hem in 2007 tot 'Honorary Knight
Commander of the Order of the British Empire' en Verwaayen mag zich
sindsdien Sir noemen.
LOAD-DATE: April 19, 2009
LANGUAGE: DUTCH; NEDERLANDS
PUBLICATION-TYPE: Krant
JOURNAL-CODE: HFD
Copyright 2009 Het Financieele Dagblad B.V.
All Rights Reserved
maandag 27 april 2009
Interview met Ben Verwaayen FD 27 april 2009
11 mei.
Verder heb ik jullie ook het VVD programma waarvan hij de penvoerder was
gegeven en informatie over Alcatel-Lucent waar hij nu werkt. Voorheen
werkte hij bij BT.
Julie projecten hebben allemaal een nieuwe media link we kunnen ook
inhoudelijk uit zijn kennis putten. Toegang tot informatie, en dan nog
eens toegang tot betrouwbare en betaalbare informatie geldt voor Ileia
en voor UB. Make Itfair geldt natuurlijk ook voor Alcatel-Lucent. In het
artikel gaat het met name over de ontwikkelingn waar WNF in
geinteresseerd is op het social-web. Ook zal hij vast ideeen hebben over
de toezichthouder van EZ en misschien leveren zij ook producten voor
rekeningrijden.
Let op de eerste deadline!
Gebruik de standaardinhoudsopgave van het "Projectcontract" van de afdeling Maatschappelijke Belangenbehartiging van de Consumentenbond.
Kijk naar de hoofdstukken Projectmatig creeren H1, H2, H3 en H4 en H22.
Pagina 159 bevat een handreiking voor een doelgroepanalyse.
Het projectcontract hoeft niet langer te zijn dan 6 kantjes. Doe alle grotere documenten in Bijlagen. Denk aan het startdocument/de presentatie van de opdrachtgever, de stand van wetenschap en de stand van beleid/krachtenveld rondom het project en de doelgroepanalyse.
Zorg dat het project in elk geval de resultaten oplevert: beschrijving van de stand van wetenschap op het gebied van je vraag inclusief 2 interviews met UU wetenschappers, een krachtenveldanalyse inclusief betsaande wetten, notities, gewoontes, taboes rondom het project en een inschatting van wie de medestanders en tegenstanders zijn. Daarnaast nog een doelgroep analyse en communicatieplan. Dit zijn op te leveren resultaten, naast de resultaten die jullie voor jezelf gaan definieren. Deze komen dus allemaal in bijlagen.
Je kunt de stand van de wetenschap, beleid en publieke opninie echter ook al gebruiken in je inleiding, bij je projectcontract. Dat is evenwicht zoeken. Je hebt kennis nodig om je probleem in te leiden, maar je wil niet al al je resultaten kwijt in de inleiding.
Nogmaals de onderdelen van de projectdefinitie in termen van vragen:
De uitdaging (wat moet er opgelost worden/probleemstelling)
Leidende vragen:
• Wat is het probleem en hoe vertaal je het in uitdagingen
• Waarom is het een uitdaging (spanning tussen huidige en gewenste situatie)
• Wie heeft het meeste last van de bestaande situatie
• Wanneer heeft niemand er last van?
• Sinds wanneer is het probleem aan de orde?
• Is een bepaalde groep getroffen – kwetsbaren, mondigen, opinieleiders? Etc.
• Hoe is het probleem ontstaan
• Is er sindsdien al iets veranderd?
• Welke oorzaken zijn al bedacht?
• Welke oplossingen zijn al geprobeerd?
• Wat gebeurt er als het probleem/uitdaging niet wordt opgepakt?
• Welke wetenschappelijke kennis is er?
• Welke bestuurlijk/politieke kennis is? Afspraken?
• Welke ander partijen houden zich er mee bezig?
• In hoeverre leeft het in de publieke opinie/ perceptie van probleem?
De aanleiding (waarom nu, waarom door deze organisatie, wie geeft de opdracht)
• Waar, wanneer en bij wie is het idee van het project ontstaan?
• Is de aanleiding een gebeurtenis die op zichzelf staat, of is er een patroon?
• Heeft het project een geschiedenis?
Doel van het project (welke toestand is gewenst)
• Wat moet er gebeuren om de gewenste situatie te bereiken?
• Hoe past dat binnen de missie, visie en centrale waarden van de hele organisatie
• Wat wil de opdrachtgever bereiken met dit project voor zijn organisatie?
• Waaraan moet het project een bijdrage leveren?
• Waar zit de essentie van het project?
Projectresultaat (moet je horen vallen)
• Wat is er tastbaar of zichtbaar als het project af is? Producten!
• Is dit resultaat wel het juiste middel om het hogere doel te bereiken?
• Komt de doelstelling ook dichterbij als dit resultaat er is?
• Lost het resultaat het hele grote probleem voor een deel op?
De afbakening
• Wat is het resultaat niet? (denk aan circle of influnce vs concern)
• Afbakening en project samen moeten de uitdaging dekken.
Effecten
• ongewenste effecten
• gewenste effecten
• voorziene effecten
• onvoorziene effecten
Randvoorwaarden
Zie opdrachtgever
Bijlagen
• Activiteitenplan
• Communicatieplan
• Lobbyplan
• Etc.
Nexislexis
Huiswerk na college 3
Werk aan de projecten en neem telkens de Hoofdstukken uit projectmatig werken en het campagnehandboek erbij.
Lees over Ben Verwaayen voor 11 mei
Lees over civic engagement en het artikel van Henk Procee in Trouw over deugden voor 6 mei
Lees alvast de oratie van Mirko Noordegraaf voor 13 mei.
College 3
De ik, wij en het-kant van een project of steenhouwer, waarom hak je zo hard?
Half 10 tot 11
Indeling in 5 teams
H1. De essentie van projectmatig creëren. De ik- of leiderschapskant van een project. Beantwoord de vragen op pagina 6:
• je persoonlijke motivatie voor het vak en het project
• je specifieke leerwensen (persoonlijk en academisch)
• je studierichting en afstudeerrichting/vaardigheden en methoden uit jouw vakgebied die kunnen bijdragen
• je bestuurlijke ervaring/je ervaring in andere projecten/je schrijfervaring
• hoeveel tijd je hebt/hoe flexibel je bent in je tijd dit blok
• ervaring met teamwerken bv in sport, schoolkrant, gezin, baantje etc.
Doe de teamrollen-test. Herken je er iets van? Welke teamrol zou je willen vervullen?
• Kijk naar je “pasfoto” uit college 1. Denk aan de zinnen: anderen omschrijven mij als, een goede eigenschap van mij is, ik heb een gruwelijke hekel aan mensen die …
• Combineer voor jezelf je leerdoelen en leerstijl uit college 1, je motivatie voor dit project, je teamrol en je vakgebied (kennis en methoden) en bespreek dit met het team.
• Maak een profiel van de groep.
11 tot 12 uur De vijf projecten nader bekeken.
Zie ook H2, H3, H4 en H22 van projectmatig creëren. Lees deze hoofdstukken en gebruik ze om op terug te vallen gedurende de loop van het project.
Begin met elementen verzamelen voor het startdocument. Het startdocument bestaat uit de teamsamenstelling (en waarom in die samenstelling), probleem dat opgelost gaat worden, achtergronden, doel van project, globale resultaat, randvoorwaarden). Dit is beschrijvend en geen onderhandelingsresultaat.
De penvoerder levert dit namens de groep in op 18 mei en zal het dan presenteren.
De krachtenveld-analyse (kort, later volgt meer theorie)
Campagne-voeren hoe doe je dat? Zie handboek Popular and principled
Kratenbank nexislexis is gratis te raadplegen via de universiteitsbibliotheek door je solis ID te gebruiken.
12 tot 1 Projectcontract
Theorie (elementen bespreken). Let op verschillende vormen van kennis. Wetenschappelijke kennis en wetenschappelijke bronnen, beleidskennis/maatschappelijk kennis en betrouwbare/zo betrouwbaar mogelijke bronnen en kennis van het publiek/communicatie tussen die domeinen en hoe je kennis vertaalt op een verantwoorde manier. Denk aan het voorbeeld van de Toxicologie.
Zie document Consumentenbond voor opzet van een project.
Rollen verdelen:
1. Penvoerder voor projectdocument
2. Stand van kennis – wetenschappelijk/probleem analyse wetenschappelijk – wie zijn de deskundigen aan de UU en elders
3. Stand van kennis – beleidsmatig – welke infobronnen, krachtenveld analyse uitwerken – welke partijen zijn betrokken, hebben info.
4. Campagne instrument bepalen? Wat weet het publiek? Waarover is men bezorgd/opinieonderzoeken bekend? Wie zijn opinieleiders? (zie pagina 158 van projectmatig creëren voor een doelgroep analyse instrument).
5. Afspraken maken voor vervolgbijeenkomsten met het projectteam. Kunnen er al taken verdeeld worden?
6. Neem contact op met de opdrachtgever en laat weten welke mensen werken aan het project en dat jullie na 18 mei het projectcontract gaan opsturen. Nodig ze ook vast uit voor de eindpresentaties.
donderdag 23 april 2009
Huiswerk voor maandag 27 april
Deze komen uit het boek Projectmatig creeren van Jo Bos en Ernst Harting en gaan over projecten en wat daar bij komt kijken
* Lees het campagne handboek Popular and principled geschreven door Gerd Leopold
De deadlines voor de cursus
Maandag 20 april
Publiek Leiderschap door Mirko Noordegraaf
De drie leerdoelen van de cursus
Tijdsbesteding 7.5 ECT:
Aanwezigheid is verplicht. Zaal open vanaf 9 uur. Begin college vanaf half 10 stipt.
woensdag 22 april 2009
Contact
Zie hieronder mijn contactgegevens
--
Vriendelijke groet,
Melanie Peters
Dr. Ir. Melanie Peters
Directeur Studium Generale
Bestuursgebouw, kamer 156
Heidelberglaan 8, 3584 CS Utrecht
Telefoon: 030-2532437 (werk)/ 2894298 (thuis)
Mobiel: 06-22790787
Utrecht University
The Netherlands
dinsdag 21 april 2009
Opdracht EZ - innovatief toezicht
Opdracht Agentschap Telecom voor studenten aan de Universiteit van Utrecht
Het is juli 2011 en het rekeningrijden is net ingevoerd in Nederland. Voor de registratie van voertuigen wordt gebruik gemaakt van een registratieapparaat dat werkt op basis van GPS-technologie. Het Agentschap Telecom is gebleken dat er op vrij eenvoudige wijze aan een GPS-jammer te komen is. Dit apparaat is voor ongeveer 90 EURO te koop. Met zo’n apparaat is het GPS-signaal dat wordt gebruikt voor de registratie van voertuigen in het kader van rekeningrijden te storen, waardoor het voertuig waarin de jammer zich bevindt niet wordt geregistreerd en dus geen aanslag krijgt voor het gebruik van de weg.
GPS-jammers voldoen niet aan de regels voor het gebruik van en het in de handel brengen van apparaten. Het invoeren en gebruiken van deze jammers is dan ook illegaal. Hoewel de meeste mensen wel beseffen dat het gebruik van een jammer waarschijnlijk niet legaal is, is de regelgeving niet heel erg bekend. Ook weten de meeste mensen niet dat het Agentschap Telecom toezicht houdt op de naleving van deze regelgeving. Het Agentschap Telecom wil dat er een einde komt aan de handel in en het gebruik van GPS-jammers. Ook wil het Agentschap dat zij bekend wordt als de toezichthouder op dit onderwerp. Het Agentschap Telecom wil hiertoe een communicatiecampagne opzetten.
De directie van het Agentschap Telecom vraagt jou om het volgende:
1. Stel een communicatieplan op voor het toezicht op GPS- jammers
2. Stel tevens een protocol op op basis waarvan het effect van je communicatiecampagne gemeten kan worden
Daarnaast is het zo dat het registratieapparaat voor het rekeningrijden een interessant apparaat is voor hackers. Zij zouden dit apparaat kunnen hacken waardoor allerlei wijzigingen kunnen worden doorgevoerd, zoals het manipuleren van het geregistreerde weggebruik.
3. De directie vraagt jou om een listige interventiestrategie te ontwikkelen die zich richt op het voorkomen van bovenbeschreven firmware hacks.
Inmiddels is het januari 2012 en is de door jou ontworpen communicatiecampagne in volle gang. De inspecteurs van het Agentschap Telecom die zich bezighouden met het toezicht op de GPS-jammers melden dat ze als gevolg van de communicatie-uitingen meer agressie tegenkomen bij hun inspecties. De directie van het Agentschap Telecom vindt het echter erg belangrijk om zo transparant mogelijk zijn naar buiten toe en hecht dus zeer aan open en duidelijke externe communicatie. Aan de andere kant is het zo dat zij ook haar inspecteurs niet onnodig in onveilige situaties wenst te brengen.
4. De directie vraagt jou om haar een advies te geven over de wijze waarop zij het beste met bovenstaand dilemma kan omgaan. Zij vraagt jou om in dit advies:
• de verschillende belangen die spelen te benoemen,
• een 3-tal mogelijke scenario’s te beschrijven,
• bij de scenario’s aan te geven wat de voor- en nadelen van ieder scenario zijn, en
• tot slot aan te geven wat jij haar adviseert te doen.
Leerstijlen

Veelvoorkomende leerstijlen

Een leerstijl is de manier waarop iemand leert. De een is wat meer een denker; de ander meer een doener. Sommige mensen houden zich liever wat op de achtergrond en nemen de zaken waar; een vierde type zijn de praters, de actievelingen, altijd bezig met plannen en organiseren.
De bedoeling van deze vragenlijst is uw voorkeur-leerstijl(en) te ontdekken. Door de jaren heen hebt u waarschijnlijk een aantal leer-'gewoontes' ontwikkeld, die u in staat stelt van bepaalde ervaringen meer te profiteren dan van andere. Aangezien u zich hiervan waarschijnlijk niet bewust bent, kan deze vragenlijst u helpen uw leervoorkeuren te ontdekken, zodat u in de toekomst beter in staat zult zijn leerervaringen te kiezen die bij uw stijl passen.
Deze vragenlijst is niet gebonden aan een tijdlimiet. U zult er waarschijnlijk 10 tot 15 minuten voor nodig hebben. De nauwkeurigheid van de uitkomst hangt af van de mate waarin u eerlijk kunt zijn. Neem bij de beantwoording van de vragen bij voorkeur werksituaties in gedachten. Geef aan hoe u in werkelijkheid handelt en denkt, en niet hoe u zich graag zou willen gedragen. Er zijn geen goede of foute antwoorden. Als u zich kunt vinden in een uitspraak, zet dan een plusteken (+) voor de vraag. Als u zich niet kunt verenigen met de uitspraak, zet dan een minteken (-) voor de vraag. Zorg dat u geen enkele vraag overslaat.
Indien u zichzelf herkent in een uitspraak, zet dan een '+' voor die uitspraak.
( ) 1. Ik heb uitgesproken ideeën over wat goed of fout is.
( ) 2. Ik ben vaak roekeloos.
( ) 3. Ik los problemen het liefst stap voor stap op, zonder mijn fantasie de vrije loop te laten.
( ) 4. Ik vind dat formaliteiten mensen beknotten.
( ) 5. Ik heb de reputatie een directe, no-nonsense stijl te hebben.
( ) 6. Ik vind acties gebaseerd op intuïtie vaak even goed als acties gebaseerd op zorgvuldig overwegen en analyseren.
( ) 7. Ik houd van werk waarbij ik de tijd heb om alles uit te pluizen.
( ) 8. Ik vraag mensen regelmatig naar hun uitgangspunten.
( ) 9. Het belangrijkste is hoe iets in de praktijk uitwerkt.
( ) 10. Ik ga actief op zoek naar nieuwe ervaringen.
( ) 11. Als ik iets hoor van een nieuw idee of een nieuwe benadering, begin ik meteen de toepassing in de praktijk uit te werken.
( ) 12. Ik hecht veel belang aan zelfdiscipline zoals dieet houden, regelmatige lichaamsbeweging, vasthouden aan een bepaalde routine, etc.
( ) 13. Ik stel er eer in iets grondig te doen.
( ) 14. Ik kan het 't beste vinden met logische, analytische mensen en minder goed met spontane, 'irrationele' mensen.
( ) 15. Ik ga zorgvuldig te werk bij de interpretatie van beschikbare informatie en hoed me voor overhaaste conclusies.
( ) 16. Het liefst neem ik een beslissing na zorgvuldige overweging van vele alternatieven.
( ) 17. Ik voel me meer aangetrokken tot nieuwe, ongewone ideeën dan tot praktische ideeën.
( ) 18. Ik houd niet van iets dat niet af is en pas het liefst alles in een samenhangend patroon.
( ) 19. Ik accepteer en houd me aan vastgestelde procedures zolang ik ze efficiënt vind om een doel te bereiken.
( ) 20. Ik breng mijn acties graag in verband met een algemeen principe.
( ) 21. In discussies kom ik graag meteen terzake.
( ) 22. Ik ben geneigd een zekere afstand te bewaren tot mijn collega's.
( ) 23. Ik vind het een enorme uitdaging iets nieuws en anders aan te pakken.
( ) 24. Ik houd van geestige, spontane mensen.
( ) 25. Ik verdiep me in alle details voor ik een conclusie trek.
( ) 26. Ik vind het moeilijk om te komen met wilde, spontaan opkomende ideeën.
( ) 27. Ik verspil niet graag tijd door om de hete brij heen te draaien.
( ) 28. Ik pas ervoor op overhaaste conclusies te trekken.
( ) 29. Ik heb graag zo veel mogelijk bronnen van informatie: hoe meer gegevens om over na te denken, hoe liever.
( ) 30. Oppervlakkige mensen die alles niet zo serieus nemen, irriteren me vaak.
( ) 31. Ik luister eerst naar anderen voor ik mijn mening geef.
( ) 32.Ik laat meestal duidelijk merken hoe ik over iets denk.
( ) 33.Ik vind het leuk om andere mensen bezig te zien in een discussie.
( ) 34. Ik reageer liever spontaan en flexibel op gebeurtenissen dan alles van tevoren te plannen.
( ) 35. Ik voel me nogal aangetrokken tot technieken zoals netwerkanalyses, stromingsdiagrammen, vertakkingsprogramma's, 'onvoorzien' planning, etcetera.
( ) 36. Ik vind het vervelend als ik werk moet afraffelen om een tijdlimiet te halen.
( ) 37. Ik beoordeel ideeën op hun praktische waarde.
( ) 38. Rustige, bedachtzame mensen bezorgen mij vaak een onbehaaglijk gevoel.
( ) 39. Mensen die zich hals over kop ergens instorten ergeren mij vaak.
( ) 40. Het is belangrijker om van het heden te genieten dan na te denken over het verleden of de toekomst.
( ) 41. Volgens mij zijn beslissingen die zijn gebaseerd op een grondige analyse van alle informatie beter dan beslissingen die zijn gebaseerd op intuïtie.
( ) 42. Ik neig tot perfectionisme.
( ) 43. In discussies draag ik vaak ideeën aan die me ineens te binnen schieten.
( ) 44. In besprekingen kom ik met praktische, realistische ideeën.
( ) 45. Regels zijn er vaak om overtreden te worden.
( ) 46. Ik neem het liefst afstand van een situatie en bekijk de dingen van alle kanten.
( ) 47. Ik zie vaak de zwakke punten en inconsequenties in de argumenten die anderen aanvoeren.
( ) 48. Over het algemeen praat ik meer dan dat ik luister.
( ) 49. Ik zie vaak betere, meer praktische manieren om iets gedaan te krijgen.
( ) 50. Geschreven rapporten moeten volgens mij kort en bondig zijn.
( ) 51. Ik vind dat rationeel, logisch denken de overhand moet hebben.
( ) 52. Ik weeg zoveel mogelijk alle voor- en nadelen tegen elkaar af alvorens een besluit te nemen.
( ) 53. Ik houd van mensen die met beide benen stevig op de grond staan.
( ) 54. Als mensen met irrelevante dingen komen in discussies en afdwalen, word ik ongeduldig.
( ) 55. Als ik een rapport moet schrijven maak ik meestal eerst een aantal concepten vóór ik de definitieve versie schrijf.
( ) 56. Ik probeer graag dingen uit om te zien of ze werken in de praktijk.
( ) 57. Ik vind het belangrijk oplossingen te vinden via een logische benadering.
( ) 58. Ik vind het leuk de grote prater te zijn.
( ) 59. In gesprekken vind ik vaak dat ik de realist ben, die zorgt dat niemand afdwaalt en zich verliest in rozige speculaties.
( ) 60. Ik overweeg graag vele alternatieven voordat ik een besluit neem.
( ) 61. In gesprekken met mensen vind ik mezelf vaak de meest nuchtere en objectieve.
( ) 62. In discussies blijf ik liever op de achtergrond dan dat ik de leiding neem en het hoogste woord voer.
( ) 63. Ik vind het fijn lopende zaken te zien in een wijder perspectief, op langere termijn.
( ) 64. Als er iets mis gat, schud ik het van me af en beschouw ik het als een extra ervaring.
( ) 65. Ik verwerp wilde, spontane ideeën meestal als onpraktisch.
( ) 66. Ik denk altijd: 'Bezint, eer ge begint'.
( ) 67. Over het algemeen luister ik meer dan ik praat.
( ) 68. Ik ben vaak hard tegen mensen die moeite hebben om problemen logisch te benaderen.
( ) 69. Meestal vind ik dat het doel de middelen heiligt.
( ) 70. Ik geef er niets om anderen te kwetsen als het werk maar wordt gedaan.
( ) 71. De formaliteit van specifieke doelstellingen en plannen benauwt me.
( ) 72. Meestal ben ik de 'spil' van een gezelschap.
( ) 73. Ik doe alles wat nodig is om iets gedaan te krijgen.
( ) 74. Methodisch, gedetailleerd werk verveelt me snel.
( ) 75. Ik onderzoek graag de uitgangspunten, principes en theorieën die ten grondslag liggen aan zaken of gebeurtenissen.
( ) 76. Ik wil er altijd graag achter komen wat andere mensen denken.
( ) 77. Ik heb graag dat vergaderingen ordelijk verlopen, dat er niet wordt afgeweken van de agenda.
( ) 78. Ik laat me niet in met subjectieve of omstreden onderwerpen.
( ) 79. Ik geniet van drama en opwinding in een crisissituatie.
( ) 80. Anderen vinden vaak dat ik geen begrip kan opbrengen voor hun gevoelens.
Score vragenlijst Leerstijlen
Omcirkel in onderstaande lijst de vragen die u met (+) hebt beantwoord.
U scoort een punt voor iedere vraag die u met een "+" hebt beantwoord. U krijgt geen punten voor vragen die u met een "-" hebt beantwoord.
(Totaal aantal ‘+’ -en.)
A. Denken
B. Plannen
C. Doen/voelen
D. Waarnemen
Doelen stellen, Organiseren, Uitvoeren, Bijsturen
Zet de totaalscores uit op de armen van het bovenstaande kruis en verbindt de punten met een getrokken lijn.
Bovenaan dit bericht is een aantal voorbeelden gegeven van uitgesproken profielen.
Vergelijk bovenstaande uitkomst met deze profielen. Met welk profiel komt uw profiel het meest overeen?
(Hier uw bevinding vermelden)....................................................................................................
(W=Waarnemen; D=Denken; O=Organiseren/plannen; V=Voelen/doen)
College 1
• Kennismaking met docent Melanie Peters.
• Achtergrond van een cursus Leiderschap bij LAS? Hoe past het bij een Liberal Arts education en wordt het ingevuld door Liberal Arts Colleges in de VS (zie hand-out). Leiderschap bij Liberal Arts and Sciences aan de UU zal zich ook richten op persoonlijk leiderschap. Waarbij de stelling is Leadership can not be taught, it must be explored.
• Kennismaking met elkaar via “pasfoto”
• Eigen leerdoelen en verwachtingen formuleren van deelnemers:
- Is leiderschap aangeboren?
- Is het een eigenschap?
- Is het een vaardigheid?
- Kun je het leren?
- Wat is mijn leiderschapsstijl, kan ik die ontdekken?
- Gaat het over anderen iets laten doen (wat ze eigenlijk niet willen)?
- Waarom doet een groepje niet gewoon wat ik wil?
- Relatie tot management/besturen?
- In groepen presteren?
- Weet niet, wil er juist achterkomen door de cursus.
- Kennis nemen van theorieën over leiderschap
- Overtuigen
- Plannen en discipline
- Genieten van mijn studie
- Perfectionisme loslaten
• Kennismaking met Alwin Sixma, Hoofd Toezicht van het Agentschap Telecom van het Ministerie van EZ. Zijn presentatie en opdracht komen op het blog te staan.
• Korte omschrijving van zijn presentatie: Het Agentschap Telecom heeft een enorme handhavingstaak en slechts 45 inspecteurs. Daarom zoekt het naar moderne vormen van toezicht. Vergelijk het met de Warenkeuring, die ongeveer even groot is maar door grote naamsbekendheid bij het publiek het gevoel kan oproepen van “make them feel they are being watched”. Daarnaast streeft de autoriteit ernaar te begrijpen waarom mensen regels niet naleven. Recent is daarom de eerste sociaal wetenschapper aangesteld als beleidsmedewerker. Alwin Sixma is zelf overigens filosoof en afgestudeerd aan de universiteit Utrecht. Urgent is het strategisch/modern toezicht omdat het Agentschap waarschijnlijk het toezicht gaat uitoefenen op rekeningrijden – een wereldprimeur. Naast technische uitdagingen, spelen hier uit uitlokken van crimineel gedrag (fraude) tot mogelijk agressie tegen inspecteurs (vergelijk het rookverbod). Daarnaast een overheid die transparant wil zijn, maar de gegevens van burgers niet mag misbruiken.
• Leerdoelen van de cursus bespreken (3) en deadlines doornemen (zie handout).
• Leerstijlen – Hoe vul je een testje in? Associatief invullen/snel, de uitkomst is nooit goed of fout, identificeer je er niet helemaal mee, afhankelijk van tijd in je leven en plaats en ook soms van situatie – maar leidt wel tot zelfinzicht. In dit geval over de manier waarop je graag leert (zie 2 verschillende testjes met theorie en uitleg). Naast je eigen dominante leerstijl, is het zo dat je in teams elkaar kunt helpen met leren. Waar de een makkelijk leert uit boeken, leert de ander weer door te doen enis een ander een goed waarnemer of beslisser.
• Lezen voor college 2:
- Cvtjes en beschrijving van de organisaties van de opdrachtgevers.
